Emma had een moeilijke week. Ze voelde zich erg moe en maakte zich veel zorgen. Ze was bang voor de examens en soms voelde ze zelfs paniek. Ze had rust nodig. Daarom belde ze haar goede vriendin, Lisa.
Toen Lisa opnam, voelde Emma meteen opluchting. Ze vertelde over haar verdriet en hoe eenzaam ze zich voelde. Lisa luisterde goed en gaf haar een gevoel van veiligheid. "Je bent niet alleen," zei Lisa kalm. Dat gaf Emma veel troost.
De volgende dag voelde Emma zich al een stuk beter. Ze was nog een beetje zenuwachtig, maar haar hart voelde lichter. Ze voelde weer hoop en dankbaarheid. Ze lachte weer; ze was op weg naar geluk.