Illustration

Dialoog ๐Ÿ›’

Lees het gesprek tussen Lotte en haar vader. Ze maken een boodschappenlijstje voor het weekend.

๐Ÿ‘จ Papa Lotte, kun je me helpen met het boodschappenlijstje ? We hebben bijna niets meer in huis !
๐Ÿ‘ง Lotte Ja, natuurlijk ! Wat hebben we nodig ?
๐Ÿ‘จ Papa Nou, we hebben brood, melk en eieren nodig. En misschien ook wat fruit en groenten voor de soep.
๐Ÿ‘ง Lotte Ik wil graag appels en bananen kopen, en misschien een paar tomaten en wortels voor de soep.
๐Ÿ‘จ Papa Goed idee ! En wat drinken we dit weekend ? Hebben we nog sap en water ?
๐Ÿ‘ง Lotte Nee, we hebben geen sap meer. Kunnen we ook wat kaas en yoghurt kopen ? Ik heb daar zin in.
๐Ÿ‘จ Papa Prima ! Laten we naar de supermarkt gaan, en daarna misschien naar de bakker voor vers brood.
๐Ÿ‘ง Lotte Leuk ! Ik hou van de geur van vers brood. Laten we gaan !

๐Ÿ”‘ Sleutelzinnen

"We hebben ... nodig." (nous avons besoin de...)
"Ik wil graag ... kopen." (j'aimerais acheter...)
"Hebben we nog ... ?" (avons-nous encore...?)
"We hebben geen ... meer." (nous n'avons plus de...)
"Ik heb daar zin in." (j'en ai envie)

Begrijpen en Analyseren ๐Ÿง 

Beantwoord deze 8 vragen over het gesprek.

1. Waarom moet papa boodschappen doen ?

Ze hebben bijna niets meer in huis.
Ze krijgen gasten.
Het is Lottes verjaardag.

2. Wat hebben ze nodig voor het ontbijt ?

Brood, melk en eieren.
Soep en kaas.
Sap en yoghurt.

3. Welk fruit wil Lotte kopen ?

Sinaasappels en peren.
Appels en bananen.
Druiven en aardbeien.

4. Welke groenten kopen ze voor de soep ?

Tomaten en wortels.
Aardappelen en uien.
Sla en komkommers.

5. Wat hebben ze niet meer in huis om te drinken ?

Water.
Sap.
Melk.

6. Waar wil Lotte ook nog zin in hebben ?

Kaas en yoghurt.
Chocolade en koekjes.
Snoep en frisdrank.

7. Waar gaan ze naartoe na de supermarkt ?

Naar de markt.
Naar de bakker.
Naar huis.

8. Waar houdt Lotte van ?

De smaak van soep.
De geur van vers brood.
De kleur van fruit.